Posts tonen met het label koor. Alle posts tonen
Posts tonen met het label koor. Alle posts tonen

woensdag 5 augustus 2015

Praise the Lord in La France Profonde



Emigreren voelt alsof je net brugpieper bent geworden op de middelbare school. Net als toen wandel ik nu, in het nieuwe thuisland, met open mond door een compleet nieuwe omgeving, die ineens mijn dagelijks leven is geworden. Nieuwe gezichten om te leren kennen, een nieuwe cultuur om me eigen te maken. 

Wat mijn werk betreft heeft die cultuur veel met muziek te maken. Daarbij kom ik weleens voor verrassingen te staan. Bijvoorbeeld dat heel veel Fransen hartstochtelijk van gospel blijken te houden! Chansons, mooi hoor, maar gospel! Dat spreekt pas echt tot de âme, wordt er verzucht. Amerikaanse gospelgroepen worden naar Sarlat gehaald, een toonaangevende gospel-pedagoge uit Toulouse brengt jaarlijks een grote groep amateurzangers in extase met inspirerende workshops in een piepklein dorp in de Lot. Gospel is alive, zelfs tot in La France Profonde. Ook het zevenkoppige groepje dat ik sinds een jaar coach, heeft het gospelvirus. De dames zijn zo enthousiast dat ze optredens afspreken die ze vocaal maar nauwelijks aankunnen – zingen in de open lucht is bijvoorbeeld een precair ding dat je maar beter aan een grote groep zangers kunt overlaten, of aan professionals. Daarom is het een zegen dat de Lot en Périgord bezaaid zijn met Romaanse kerkjes die met hun akoestiek de scherpe randjes mooi glad strijken.

Het concert in Milhac is dan ook een groot succes. Na een half uurtje wachten op de burgemeester beginnen we om negen uur met ons programma. De gospeldames zien er fier uit in hun kleurige gewaden – er zijn twee heel donkere, exotisch ogende zangeressen bij, goed voor het groepsgeluid en het oog wil natuurlijk ook wat. Met opgeheven hoofd en brede borstkas staan de ladies te zingen. Terwijl buiten een zomerse regen op het middeleeuwse dorp dendert, zit het publiek met de hoofden mee te wiegen en bromt er af en toe iemand mee met een rock’n’roll-versie van Walk With Me, Lord of de gitzwarte blues Go Down Moses. De mevrouw van de organisatie staat na elk nummer op om het applaus kracht bij te zetten. Omdat de kerk erg klein is, zit ik met mijn pianokruk bijna op schoot van de mensen op de eerste rij, die na de liedjes gezellig met me beginnen te praten. ‘Dat was mijn favoriete gospel’, ‘Speel en zing je nou tegelijk?’ en: ‘Er is toch wel een pauze?’

De pauze is er om geld op te halen voor het comité des animations. Buiten worden drankjes verkocht. De regen is even opgehouden en het is aangenaam koel geworden. Het schemert in het dorp. Mensen staan in groepjes te kletsen – je hoort naast Frans ook Engels, Nederlands, Duits, wat Vlaams. De aangekondigde tien minuten pauze worden een half uur en tegen elf uur is het concert afgelopen. De mevrouw van de organisatie nodigt het publiek uit om samen de heuvel af te dalen en in de salle des fêtes het glas te heffen. Daar staan uiteindelijk tien mensen rondom de champagne en de taartjes die de mevrouw van de organisatie zelf gebakken heeft. Niemand heeft er last van dat de nazit niet drukbezocht is. Als ik om middernacht onder de natgeregende bomen naar de auto loop, voel ik me weer eens Alice in Wonderland. Aangelicht: de wanden van eeuwenoude stenen huisjes, een overhangende rots midden in het dorp met een wasplaats eronder, uitgesleten traptreden naar de kerk op de heuvel, de hoofdweg als een slecht onderhouden fietspad. Hoe kom ik hier nou weer terecht, in dit land waar de tijd heeft stilgestaan, omringd door het geluid van een druppelend bladerdak en verder niets. 

De rit terug naar huis leidt door donkere stukken bos en over landweggetjes waar de waterdamp dik opstijgt uit het asfalt. Kikkers springen in het licht van de koplampen, een das steekt waggelend over. De volle maan hangt vaag zichtbaar achter een sluier van wolken.

Allemaal dankzij de muziek.

© 2016 Anke de Bruyn. All rights reserved.

woensdag 4 februari 2015

Frengelsen



Het blijft verbazingwekkend. Al die Engelsen die hier in de Lot/Périgord neerstrijken. Niet alleen pensionado’s, maar ook jonge gezinnen. Die hier niet zelden al vijftien jaar wonen en wiens puistige pubers perfect tweetalig zijn. Zo word je op de markt aangesproken door groepjes scholieren die taartjes verkopen voor hun schoolreisje. Eerst gaat het in het Frans en dan is er altijd wel een kind dat roept ‘Are you English? We speak English too, you know!’ 

Ik word erg blij van dit smeltkroeskarakter. In de eerste plaats omdat het naar mijn idee aangeeft dat de Fransen in deze regio over het algemeen open staan voor buitenlanders zoals wij. Buurvrouw Annemarie begroet met ‘Hello’ en heeft als stopwoordje ‘Why not’ met een heerlijk Frans accent. Koorzangeres Eliane maakt vlekkeloze vertalingen van Engelstalige informatie voor het koor. En à propos koor, mijn Franse koorzangers doen hun stinkende best op al die Engelse nummers die ze door de stembanden geduwd krijgen, soms met kreunen en steunen, maar de liedjes die we al wat langer zingen, gaan steeds makkelijker: de aanvankelijk fronsende gezichten, wegduikend op de achterste rij, trekken toch bij in de loop van de repetities. Uiteindelijk staat iedereen even opgewekt uit het hoofd ‘Happy together’ te zingen.

Omgekeerd is de vermenging van Engelsen en Fransen ook erg leuk, nog los van de rijke geschiedenis die ze gemeenschappelijk hebben. Een Engelsman die Frans praat, is altijd goed voor poëtische momenten en hilarische woordgrappen: een email die vol zelfspot ondertekend wordt met ‘Ah tray byan-toe’ – het woord ‘Franglais’ dat ik alleen maar uit boekjes kende, is hier een levend begrip. Een klein utopia van Frengelsen bevindt zich hier in Cazals: elke donderdag komen autoliefhebbers van allerlei afkomst naar de oude brandweergarage om daar de hele dag te sleutelen aan klassieke tractoren. Met natuurlijk een gedeeld déjeuner, waar de (Franse) voorzitter van de club de hele ochtend voor in de keuken staat, in het gezelschap van alle honden die door de knutselaars worden meegenomen. Het maakt dan weinig uit of je goed in je Frans zit als buitenlander. Het mannenparadijs van de mechaniek overstijgt alle grenzen, dus ook taalbarrières.

Ook de muziek heeft van zichzelf al het internationale karakter. ‘Mijn’ Fransen, Engelsen, Amerikanen, Ieren, Hollanders en een Zwitserse zingen elkaar in het koor wekelijks toe en delen hun hapjes en drankjes bij het maandelijkse apéro (over andere gewoontes van de streek klik hier). De individuele zang- en pianoles geef ik ieder in zijn of haar eigen taal en samen genieten we van de kruisbestuivingen: pop en klassiek, Italiaanse aria’s of Cole Porter’s mooie jazz standards, noten leren lezen of improviseren op de piano zonder dat je een noot hoeft te kennen, in je eentje zingen of ook eens een duet uitproberen – en waarom dan niet met iemand van een andere nationaliteit.

Kortom, we kijken weer uit naar het zonnige seizoen. Dan gaan we onze muziek weer delen met een gestaag toenemende groep Vakantiezangers uit Nederland die in juni en september meedoen aan de zangweken in en rond Cazals, en in juli in de Aveyron. Komende maand maken we het repertoire rond. Wil je je ook een week lang onderdompelen in stemvorming, mooie muziek en het goede Zuidfranse leven, snuffel dan even rond op www.papageno.net.

dinsdag 16 september 2014

Zangers zijn jolly


Zingen is goed voor je. Dat kan ik als zangjuf natuurlijk makkelijk zeggen want zingen is mijn grote passie en een levensbehoefte. Maar iedereen die wel eens in een koor, kerk of groep gezongen heeft, weet het ook: van zingen ga je lachen, je staat met opgeheven hoofd, je wordt er energiek van, je gaat stralen, het doet je echt goed.
Hoe komt dat?

Het feit dat zangers jolly people zijn (zoals mijn eerste, Canadese zangdocente altijd zei), heeft deels te maken met ademhaling en de opname van zuurstof in het bloed. Wie zingt, krijgt vanzelf behoefte om dieper te ademen. En omdat we doorgaans te oppervlakkig ademhalen, merken we daar onmiddellijk de effecten van. Een belangrijk effect is dat stress en spanningen verdwijnen. 

Ook is er onderzoek gedaan naar het verband tussen muziek (ernaar luisteren en zelf zingen) en de aanmaak van endorfinen, stoffen die in de hersenen worden afgescheiden en voor een geluksgevoel zorgen. Die endorfinen kwamen vrij bij de onderzoeksgroep die naar muziek luisterde, maar de groep die zelf ging zingen, had nog weer een aanzienlijk hoger gehalte van deze stoffen in het bloed!

Een ander deel van de verklaring waarom zingen zo weldadig is, ligt meer op het spirituele vlak. Vooral het samen zingen, al dan niet meerstemmig, geeft een gevoel van diepe verbondenheid. Samen zingen is een vorm van communicatie die op een heel ander niveau ligt dan met elkaar praten. ‘Muziek begint waar woorden ophouden,’ zei de Duitse dichter Heinrich Heine. Misschien kunnen we het vergelijken met het gehuil van een troep wolven. Het samen geluid maken op zo’n hoog trillingsniveau verbindt je als groep, geeft een veilig gevoel en ontspant. Dat vind ik gewoon magisch.

Ik merk het steeds weer wanneer ik met groepen werk, of dat nu een bestaand koor is of een groep individuen die aan workshops of zangvakanties meedoen. Grenzen van leeftijd, talent, opleiding en overtuiging vallen weg. Mensen die elkaar niet kenden, hebben halverwege dag één al een vanzelfsprekend, ontspannen contact, zonder dat ze veel van elkaar weten. Dat hoeft ook niet. Ze hebben maar één ding van elkaar nodig: hun stem. En als die eenmaal geklonken heeft – hoog of laag, helder of donker, formidabel of gewoon – zijn alle feel-good ingrediënten aanwezig.

Je stem laten klinken kan eng zijn. Maar wie de drempel over durft, de mond open doet, kan maar één kant op: verder vooruit. Dus zet je mond open, ook als je denkt dat je stem niks bijzonders is. Als je van zingen houdt, moet je zingen. Je stem delen. Zelfs als je je afvraagt wie daar op zit te wachten. Laat je verrassen! Er zijn een heleboel andere stemmen die erop zitten te wachten om zich met die van jou te verbinden. 

woensdag 3 september 2014

Lifelong fun: één keer niet uit eten en een keyboard kopen!

Casio SA-46. Fijn voor partijstudie of om noten te leren lezen
Wow. Ik heb mezelf op een klein keyboard getrakteerd. 'Casio' intikken op Amazon, horloges negeren en het goedkoopste keyboard aanklikken en betalen. Het was de Casio SA-46 32 toetsen, een schattige mini-synthesizer. Helemaal in de middle of nowhere (grens Lot-Dordogne) keurig binnen twee dagen afgeleverd en sindsdien zit ik met een brede grijns met een keyboard op schoot.

Ik kan 'm aan alle (koor)zangers aanraden. Als je piano speelt, is hij heel nuttig om partijen in te studeren en mee te zingen en ook voor het leren zingen van intervallen: je neemt het keyboardje opschoot, speelt secundes, tertsen, kwarten enzovoorts en zingt ze na. Daarna alleen de eerste nootspelen en jezelf opdrachten geven: 'nu zing ik een grote secunde bovenop deze toon' etcetera.

Als je geen noten leest, is dit Casio keyboard een goeie start om het toch te leren en er achter te komen dat de taal van de muziek helemaal geen Chinees is. Je kunt wat tokkelen, geluiden uitproberen.

En dit Casio keyboard was maar € 43!
Maar als je verder wilt gaan dan dat, zet je keyboard dan op je bureau naast de computer, zoek op Youtube op 'how to play...' en tik in 'piano' of 'keyboard' of 'how to read notes' of 'how to play', voor een liedje dat je wilt leren spelen. Er is zo'n schat aan informatie op Youtube.


Waarschuwing: verslavend. Je bent zo uren verder. Vandaag nog vanaf Youtube mooie extra partijen voor arrangementjes zitten noteren die straks door La Chorale de Cazals gezongen gaan worden. En volgend jaar juni door de vakantiezangers van de Zangvakanties 2015. Als dat geen mindfulness of flow is...

Okee, ik ben ontzettende reclame aan het maken voor Casio, maar echt... Zo veel lol voor een paar tientjes. Ik wens je veel plezier!

zaterdag 31 mei 2014

De stem: spiegel van de ziel


'Aahhh! Bonjour! Lang niet gezien!' roept Jeannette enthousiast met een heldere vrouwenstem die me volkomen onbekend is. De ronde, altijd gebronsde, kettingrokende en in hippie-stijl geklede kapster met haar wilde zwarte haardos is na een succesvolle operatie aan poliepen op de stembanden haar doorrookte basstem kwijt. Eindelijk, zegt ze blij. Nu kan ik ook weer zingen. Ik heb de hele dag Tina Turner aan staan.
Ze zet me in een stoel en vlijt een plastic cape om me heen. ‘Met plukjes, niet te kort?’ zingt ze.
Ik ben blij voor haar, maar vind het ook een beetje jammer. Die rauwe stem paste eigenlijk heel goed bij Jeannette, want die maakte het ietwat woeste plaatje compleet. Heel eerlijk gezegd raak ik de kluts kwijt als ik Jeannette nu hoor praten.

Mijn oude zangleraar zei altijd: ‘de stem is de spiegel van de ziel.’ Je stem is wie je bent, en je stem is hoe je je voelt. Op het moment dat een stem ineens anders klinkt, is het dus net of niet alleen de stem, maar ook de persoon anders wordt, hoewel er uiterlijk niets is gewijzigd. De stem komt immers ‘van binnenuit’; sommige volken geloven regelrecht vanuit een betoverde plek in de aarde, en dat de zingende mens niet anders is dan het kanaal waardoor die klanken zich willen openbaren.

Bij Jeannette’s transformatie moest ik denken aan een andere persoon die bezit van haar heeft genomen. Wie de film The Excorcist I heeft gezien, kan het zo voor zich halen: een klein meisje in nachthemd met de stem van de duivel. Creepy!
De dochter van Jeannette, die ook in de kapperszaak werkt en mijn meneer net een bliksembehandeling met de tondeuse heeft gegeven, helpt me uit de droom. ‘Het was twee jaar lang net of ze zichzelf niet was,’ zegt ze. Terwijl ik een plaatje had gemaakt van de donkere hippie-vrouw met de rauwe stem en harde klinkers die een beetje knauwend werden uitgesproken. Het gaf haar iets expressiefs. Maar wie haar langer kent, weet dat al dat ge-articuleer van Jeannette helemaal niet bij haar hoorde, maar uit nood geboren was om nog een beetje verstaanbaar te zijn ondanks als die heesheid. Nu praat ze gewoon met de gangbare Franse spraakwaterval: erg snel en niet altijd even duidelijk voor de gemiddelde buitenlander.

Mijn meneer is met al dat vrouwengeklets vertrokken naar de slager op de hoek en komt me weer halen met een pakketje merguez-worstjes onder de arm. ‘Kun je daar wat van maken?’ vraagt hij schaapachtig.

  • Neem voor vier personen 8 merguez-worstjes (of meer naar smaak) en een pond mooie tomaten. Snijd ze in grove stukken, braad gedurende vijf minuten aan in een soeppan in olijfolie.
  • Kook in een andere pan een pond aardappels die je hebt geschild en in grote stukken gesneden.
  • Voeg aan de worstjes/tomaten toe: een piepklein snufje kaneel, wat fijngesneden tuinkruiden (salie en/of rozemarijn is ook lekker) en een teentje knoflook.
  • Voeg de min of meer gare aardappels toe en water naar behoefte. Deksel op de pan en op een laag vuurtje 15 minuten zeer zacht laten sudderen. Je kunt de aardappels licht stampen om de soep wat te laten binden, maar maak er geen stamppot van. De brokken moeten mooi zichtbaar blijven.
  • Proef of er nog zout of peper bij moet. Meestal is het niet nodig vanwege de gekruide worstjes, hetgeen dit recept makkelijk en lekker maakt.
  • Schep de soep in diepe borden, giet er nog een plensje mooie olijfolie overheen en eventueel peterselie en peper.

Meer recepten: konijn met mosterd en sinaasappel | kip met kweepeer of appel | groene salade met zonder brandnetels | Wiener Schnitzel | spinazie op z'n Italiaans | gevulde groenten | salade gourmande | gevulde kip | zomerse pasta met gerookte forel